Généralites Qui sommes-nous FAQ Newsletter
 
Algemeen

Wanneer een instelling voor openbare uitlening, zoals een bibliotheek of een mediatheek, bv. een boek, een partituur, een cd of een dvd uitleent, hebben de rechthebbenden voor dat uitgeleende werk recht op een vergoeding. Het gaat om tienduizenden rechthebbenden in binnen- en buitenland voor een nog veel groter aantal uitgeleende werken per jaar.

Het principe van het leenrecht werd wettelijk verankerd in de op de auteursrechten en de naburige rechten. Pas in 2004 volgde het uitvoeringsbesluit dat de concrete modaliteiten regelde () en in 2005 werd de beheersvennootschap Reprobel belast met de inning en de verdeling van het leenrecht (). Dit mandaat werd verlengd tot 31 december 2006 () en met het werd Reprobel zonder einddatum belast met de inning en de verdeling van de vergoeding voor openbare uitlening.

Reprobel kan die vergoedingen ofwel rechtstreeks bij de openbare uitleeninstellingen ofwel onrechtstreeks (gecentraliseerd) via de gemeenschappen innen. Zonder onvoorziene omstandigheden ziet het er naar uit dat elk van de drie gemeenschappen in ons land (Vlaamse Gemeenschap, Duitstalige Gemeenschap en Franse Gemeenschap) telkens één betaling zal verrichten voor de jaren 2004, 2005 en 2006, in naam van de openbare uitleeninstellingen waarvoor ze verantwoordelijk zijn.

De bedragen die de gemeenschappen zullen betalen blijven beperkt, omdat de uitvoeringsbesluiten die de inning van het leenrecht regelen gewag maken van 1 euro per jaar per volwassen ontlener en 0,5 euro per minderjarige ontlener. Toch is met deze regelingen een belangrijke stap gezet in de richting van een volwaardig leenrecht.

In 2003 was er in Vlaanderen een eenmalige leensubsidie. Nederlandstalige literaire auteurs en vertalers kregen een subsidie in afwachting van de invoering van het leenrecht. De tarieven die voor het leenrecht bij Koninklijk Besluit zijn vastgelegd, zullen er echter voor zorgen dat het leenrecht dat zal kunnen worden uitgekeerd, vele malen lager zal liggen dan wat de leensubsidie destijds betekende. In de Franse en Duitstalige Gemeenschap bestond geen systeem van leensubsidie.

Hoe verloopt de verdeling van het leenrecht in de praktijk?

Eerst is er de primaire verdeling, of de verdeling tussen rechthebbenden die vertegenwoordigd worden door de aangesloten vennootschappen binnen Reprobel (in grote lijnen: de rechthebbenden van de ‘gedrukte materialen’) en de rechthebbenden die vertegenwoordigd worden door de aangesloten vennootschappen binnen Auvibel (in grote lijnen: de rechthebbenden van de ‘audiovisuele materialen’). Reprobel en Auvibel zijn het eens over dit principe, maar moeten nog een verdeelsleutel voor deze primaire verdeling vastleggen.

De volgende stap is de secundaire verdeling, of de verdeling tussen de beheersvennootschappen die lid zijn van Reprobel en Auvibel, via de zogenaamde colleges. Die colleges bestaan uit vertegenwoordigers van de diverse beheersvennootschappen, die werken op basis van mandaten van rechthebbenden. Binnen Reprobel is er een Auteurscollege en een Uitgeverscollege. De verdeelsleutel tussen uitgevers en auteurs is al bij wet vastgelegd, namelijk 70% voor de auteurs en 30% voor de uitgevers. Bij Auvibel is de verdeelsleutel binnen de colleges ook al vastgelegd.

De volgende stap is de tertiaire verdeling: per college wordt een verdeelbarema opgesteld dat bepaalt welke verdeelsleutels gehanteerd worden voor de verdeling van de leenvergoedingen onder de Belgische en de buitenlandse auteurs per categorie van werk (Auteurscollege) en de Belgische en de buitenlandse uitgevers per drager (Uitgeverscollege). Deze verdeelbarema's hebben vooraf de goedkeuring nodig van de federale Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, na advies van de controledienst. Op basis van deze verdeelbarema’s kunnen de diverse beheersvennootschappen dan geld opvragen voor de rechthebbenden die ze vertegenwoordigen. Voor de buitenlandse rechthebbenden zal er gepoogd worden om zoveel mogelijk via de nationale leenrechtorganisaties te werken en akkoorden te sluiten. Op die manier komen de geïnde bedragen terecht bij de grote groep van rechthebbenden: schrijvers en vertalers, illustratoren, fotografen, uitgevers, componisten, musici, acteurs, producenten en anderen.

Wanneer krijg ik mijn leenvergoeding uitbetaald ?


De timing waarbinnen de respectievelijke inningen betaald worden, een verdeelsleutel tussen Auvibel en Reprobel wordt vastgelegd en de barema’s binnen de respectievelijke colleges worden opgesteld en goedgekeurd door de federale Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen na advies van de controledienst, heeft uiteraard een weerslag op het tijdstip waarop geld aan rechthebbenden kan worden uitgekeerd.

Voor de lijst van beheersvennootschappen die zijn aangesloten bij Reprobel, klikt u .
Voor de lijst van beheersvennootschappen die zijn aangesloten bij Auvibel, klikt u .